Work

Geologisch onderzoek van de Nederlandse Antillen

Year: 1968
Type: article
Abstract: BENEDENWINDSE EILANDENDe allereerste geologische en mijnbouwkundige onderzoekingen op de Benedenwindse Eilanden stonden in verband met de ontdekking van goud op Aruba, in 1824.Het Gouvernement gaf toen exploratie-opdrachten aan achtereenvolgens de op dit gebied weinig deskundige Luitenant-Generaal C. R. F. Baron KRAYENHOFF (1825) en de meer geschoolde Oberbergrath C. B. R. STIFFT uit Nassau (1827).Van een echt-wetenschappelijke kartering, zij het met behulp van primitieve topografische kaarten, was echter pas sprake in 1884-1885, toen de 'Nederlandsche West-Indische Wetenschappelijke Expeditie' werd uitgezonden door het (Koninklijk) Nederlandsen Aardrijkskundig Genootschap, het Koninklijk Instituut voor Taal-, Land-en Volkenkunde van Nederlandsch-Indië en Teyler's Genootschap.De expeditie -die geologisch en botanisch onderzoek beoogde -stond wat het eerste betreft onder leiding van de Leidse hoogleraar K. MARTIN.Een van de deelnemers was voorts de student G. A. F. MOLENGRAAFF; beiden zijn -zoals bekend -later wereldberoemde geologen geworden.MARTIN werkte gedurende 32 dagen op de drie eilanden, en we moeten er bewondering voor hebben dat hij op grond van het korte veldonderzoek, een zo fraai inzicht verkreeg in de geologische opbouw.Het spreekt overigens vanzelf dat verschillende interpretaties bij veel later uitgevoerd onderzoek onhoudbaar bleken te zijn; als voorbeeld diene dat hij, volgens de gedachtengang van zijn tijd, de schisteuze gesteenten van Aruba voor Archaeisch hield, terwijl we nu weten dat deze veel later, in Boven Krijt (Campanien), zijn ontstaan door contactmetamor-Uitgewerkte lezing gehouden
Language: Dutch
Subfield: Geology
Open Access status: hybrid
OpenAlex ID: W1999769365
FWCI:
Cites:
Cited by: 1
Related to: 10