Work

De brouwerijenonderneming van Gilbert van Schoonbeke (1552-1562) (1ste Deel)

Year: 1968
Type: article
Abstract: Een gedetailleerde studie van de brouwerijenonderneming van Gilbert van Schoonbeke, de vermaarde 16e-eeuwse Antwerpse grondspeculant, urbanist en industrieel (2), leek ons in dubbel opzicht interessant.In de eerste plaats omdat wij over slechts weinig publikaties beschikken betreffende de 16e-eeuwse brouwindustrie in het algemeen : voor de Noordelijke Nederlanden is er de studie van J. C. Van Loenen : « De Haarlemse brouwindustrie vóór 1600» (3), voor de Zuidelijke Nederlanden een hoofdstuk in het werk van R. Van Uytven : « Stadsfinanciën en stadsekonomie te Leuven van de 12e tot het einde der 16e eeuw» (4) en een artikel van A. Lens (5).Dat het onderwerp zéér belangwekkend is ligt nochtans voor de hand, vermits de brouwindustrie voor de industriële omwenteling in alle Europese landen die geen -of onvoldoendewijngaarden hadden één der voornaamste nijverheidstakken was (e).h.soLY Brabant nam in dat opzicht overigens een heel bijzondere plaats in : na de invoer van het hopbrouwen in de laatste decennia van de 14 e eeuw en de achteruitgang van de Brabantse en Haspengouwse graanuitvoer naar Antwerpen in het tweede kwart der 16 e eeuw, was het één der belangrijkste brouwerijstreken in de Zuidelijke Nederlanden geworden en had zich aldus aangesloten bij het grote biergebied van Holland, Duitsland en Engeland (x).De studie van Van Schoonbekes poging om door concentratie en monopolisatie de hele Antwerpse brouwindustrie op kapitalistische grondslag te organiseren is bovendien zo interessant, omdat zij ons toelaat op industrieel gebied de draagwijdte na te gaan van hetgeen H. van der Wee noemt : « The intensification of capitalistic organization» in de 16e eeuw (2). I. -De brouwindustrie te Antwerpen IN DE EERSTE HELFT DER 16 e EEUWVooraleer de aard en betekenis van de brouwerijenonderneming van Gilbert van Schoonbeke te onderzoeken, hebben wij het nuttig geacht een inleidende paragraaf te wijden aan de brouwindustrie te Antwerpen in de eerste helft der 16e eeuw.Dit enerzijds om te wijzen op het belang van deze nijverheid, die door de Antwerpse historici tot nog toe eerder stiefmoederlijk werd behandeld (3) ; anderzijds om Van Schoonbekes onderneming beter te kunnen situeren in het kader van de algemene ontwikkeling der brouwindustrie in de 16 e eeuw.Achtereenvolgens zullen de volgende onderwerpen besproken worden : het aandeel van de bieraccijns in de jaarlijkse stadsontvangsten, de stedelijke produktie naar soort en hoeveelheid, de import (1) R. Van Uytven, Het verbruik van land-en vreemde wijnen in Brabant gedurende de 16e eeuw, in De Brabantse Folklore, 1965, blz.316.(2) H. Van der Wee, The growth of the Antwerp market and the European economy (fourteenth-sixteenth centuries), II, Den Haag, 1963, blz.189.(3) A. Lens, De geschiedenis..., in 't Land van Ryen, IV, 1954, blz.97, merkt terecht op dat ook F. Prims in zijn « Geschiedenis van Antwerpen » bij de bespreking van gilden en ambachten het ambacht der brouwers regelmatig over het hoofd ziet.Deze ontwikkeling houdt verband met de prijsstijging die zich voordeed vanaf 1512-1513.De loonsverhoging die daarop volgde was niet voldoende om het vroegere peil te herstellen, zodat de levensstandaard daalde (x).Aangezien de waarde van het geld dat moest worden besteed aan de meest noodzakelijke levensmiddelen verminderde, werd de vraag naar goedkoper bier steeds groter.De brouwers zagen zich daardoor verplicht het bier te verdunnen om aldus de lagere prijs te compenseren door een groter aantal vaten uit één brouwsel te trekken.De crisis van 1520-1522, de eerste grote duurte van de eeuw (2), heeft deze ontwikkeling nog meer versneld.De brouwers konden hun grotere onkosten niet door de verbruikers laten betalen, zodat ze wel verplicht waren het bier langer te brouwen.De prijs van het cleyn bier en van de koyte bleef toen dezelfde als in 1514, maar beide biersoorten werden langer gebrouwen ; de prijs van de knol daarentegen werd verminderd tot 5 sch.Br., maar deze biersoort werd dan ook zéér sterk verdund (3).Ook in de belangrijkste brouwerijstad van die tijd : Hamburg, deed zich dit verschijnsel voor.Het Hamburgs bier, dat wegens zijn voortreffelijke kwaliteit in heel Noord-en West-Europa befaamd was, werd eveneens sterk verdund in de loop van de 16 e eeuw, want ook daar volgde « beim weichen der Getreidepreise keine entsprechende Besserung der Qualität wieder» (4).Aangezien het peil van deze biersoorten niet meer werd verbeterd en te Antwerpen aldus geen enkele zware biersoort meer werd gebrouwen, bevond men echter vrij spoedig « dat soe wel den buyten coopman als eenighe ingesetenen deser stadt somtijden wel begheeren souden swaerder oft beter bier te drincken dan de voirs.twee sorten van bieren (koyte en knol) sijn ».Het stadsbestuur besliste daarom dat de brouwers ook dubbele knol mochten brouwen (5).Deze dubbele knol was een zéér dure biersoort : één vat kostte niet minder dan 9 sch.Br. !
Author: H. Soly
Language: French
Open Access status: green
OpenAlex ID: W2065498212
FWCI:
Cites:
Cited by: 9
Related to: 10