Work

Koloniale vraagstukken ten opzichte van onze west anderhalve eeuw geleden

Year: 1939
Type: article
Abstract: In den eersten jaargang van De Wesi-Zn^'scAe Gtis (dl.I, blz.441 e.v.) heeft een opstel gestaan "Curacao tegen het einde der West-Indische compagnie", waarin , voor zoover het genoemde eiland betreft, mededeeling wordt gedaan van den inhoud van het rapport der commissarissen Grovestins en De Boey, dat zich in afschrift op het Rijksarchief bevindt.De voorgeschiedenis van de uitzending dezer commissarissen is belangrijk genoeg om ook daarvan een en ander mee te deelen.Het is algemeen bekend, dat de vierde Engelsche oorlog (1780 -'84) aan de reeds lang in verval verkeerende West-Indische Compagnie van 1674 den doodsteek heeft bezorgd en haar liquidatie in 1792, toen de Staat haar bezittingen en schulden overnam op de basis van 30% der nominale waarde van de acties der participanten bij wijze van schadeloosstelling, was dus nog slechts een kwestie van tijd, een proces van slooping en algeheele afbraak, verdeeld over een tiental jaren.Maar toch is die laatste bestaansperiode der W.I.C. in zooverre een merkwaardige periode, dat er in den boezem der geheel vervallen handelsmaatschappij nog gehoopt werd op een bijzonder ingrijpen van Prins Willem V, na de restauratie zijner dynastie in 1787 niet alleen opnieuw erkend stadhouder der Republiek doch ook als erfelijk opper bewindhebber dezer Compagnie.Hij zou het moeten zijn, die de geldzorgen der W.I.C. verlichtte, de eenheid in het bestuur herstelde, vooral ook de verdediging der West-Indische koloniën reorganiseerde overeenkomstig de gewijzigde behoeften en eischen des tijds, de justitie op een beter basis handhaafde en den handel, speciaal den slavenhandel, tot nieuwen bloei bracht.De uitwer-
Author: A. Hallema
Language: Dutch
Subfield: Anthropology
Open Access status: hybrid
OpenAlex ID: W4233708949
FWCI:
Cites:
Cited by:
Related to: 10