Year: 1922
Type: article
Abstract: In Juni van 1920 is de Gouverneur bij den Kolonialen Raad gekomen met zijne voorstellen "in het belang van de economische opheffing van de kolonie."In het geheel was op de desbetreffende "wenschelijkheids-begrooting" voor het loopende jaar nog aangevraagd ƒ 640.580, waarvan ƒ547.080voor de Benedenwindsche en ƒ 93.500 voor de Bovenwindsche eilanden.Onder deze bedragen kwamen ook eenige posten voor, die andere maatregelen betroffen, als i ƒ20.000 voor buitengewoon onderhoud en herstelling van landsgebouwen en landseigendommen, straten en wegen op de Bovenwindsche eilanden, ƒ 55.000 voor verbouwingen en nieuwe werken op Curacao, ƒ18.000 voor een motorboot aldaar, ƒ 50.000 voor een motorsleepboot om in de Paardenbaai van Aruba dienst te doen voor het in-en uitsleepen van vaartuigen en ƒ52.000 voor verbetering van die baai, ƒ 48.000 voor een nieuwen steiger op Bonaire (Kralendijk), en ƒ40.000 in het belang der waterverschaffing op dat eiland.Afzonderlijke vermelding verdient eene aanvrage van ƒ16.500 als rentelooze voorschotten tot ontwikkeling van de stroohoedenvlechtnijverheid.In de toelichting hiertoe zegt de Gouverneur, dat de vraag naar fijne hoeden tengevolge van de toeneming van het vreemdelingenverkeer en de geleidelijke normaliseering van den algemeenen toestand stijgt; het aangevraagde moet dienen als voorschot aan de hoedenvlechtleergangen, om deze
Author: B. de Gaay Fortman
Language: Dutch
Subfield: Cultural Studies
Field: Social Sciences
Domain: Social Sciences
Open Access status: hybrid
OpenAlex ID: W4254197381
