Year: 1948
Type: book-chapter
Abstract: Zoals men weet hebben verschillende personen pogingen aangewend om zich, op grond van de gegevens van literatuur en archaeologie, een denkbeeld te vormen van ligging en gedaante van de k rat 0 n van Majapahit, door den beschrijver, Prapafica 1), pura 2) genoemd.Een der allereersten was wel Wardenaar, wiens op 7 October 1815 gedagtekende aantekeningen 3) in 1889 door Verbeek aan de inmiddels toegenomen archaeologische vondsten in het terrein in en om de desa Trowoelan (Modjokerto) werden getoetst en uitgegeven 4).Een J.)Over de persoon van de dichter zie o.a.Krom, Hind.oe-JavaanscheGeschiedqlÏSl, blz.14 vlgg.Prapafica was hoofd intendant van de buddhistische vrij gebieden (volgens Poerbatjaraka, Oudheidkundig Verslag (O.V.), 1924, blz.152 vlgg.slechts tijdelijk waarnemend), dichter van verschillende werken (zie Nägarakr.tägmna,zang 94 : 3), waarvan slechts de titels bekend zijn, en van het lofdicht Nägarakrtägama, voltooid in Sept.-Oct.1365.In dit gedicht beschreef hij in de zangen 8-12 de kr a ton en onmiddellijke omgeving.Deze beschrijving omvat 21 strofen, waarvan 3 het voorplein (a I 0 e n -a I 0 en), 6 de omgeving en 12 de eigenlijke kr at 0 n gelden.Prapafica woonde ten Zuiden van de kr a ton, ten Westen van zijn çiwaitische collega.2) Prapafica noemt wat wij kr a ton heten: pura.De kern daarvan (k e çI aton) noemt hij pllrï.De kr a ton plus omgeving (hoofdplaats) noemt hij nägara.Dit is echter geen omwalde stad; P. noemt nergens verdedigingswerken en Ma Huan zegt duidelijk: "The country of Java was formerly called Dja-pa; it has four towns, all without walls" (Groeneveldt, N otes on the M alay Archipelago and M alacca, compiled from Chinese sourees in Verhandeltingen van het Bat.Gen.), deel XXXIX (1876), blz.45).Overal, waar van wallen gesproken wordt, moeten wij ons tijdelijke verdedigingswerken voorstellen, zo ook de muur, die Van Goens te Plèrèd zag (BiJdragen tot de Taal-, Land-en Volkenkunde van N.l., deel 4 (185~, blz.312, 313), welke muur kennelijk aan verval was overge1aten in tijden van binnenlandse rust.Van Goens zegt elders (Daghregister 1647-1648): dat "Mattaram een 't eenenmaal open plaets" is:3) Thans in de verzameling "Oud-Archief" van de Oudheidkundige Dienst te Batavia, tekening no. 21.De bijbehorende plattegrond is nimmer teruggevonden.4) Tifdschrift voor 'Indische Tcrol-, La/ld-en Volkenkunde (T.B.G.), deel XXX~II (1889), blz. 1 vlgg.Wardenaar hield zich meer speciaal met de loca-Iisering van de k rat 0 n in de omgeving van Trowoelan bezig, welk vraagstuk ons hier niet zal bezighouden.Verh.dl.VII.
Source: BRILL eBooks
Author: W. F. Stutterheim
Language: Dutch
Topic: Indian and Buddhist Studies
Subfield: Religious studies
Field: Arts and Humanities
Domain: Social Sciences
Open Access status: hybrid
OpenAlex ID: W4301006142
