Year: 2026
Type: article
Abstract: Artikel 9 EVRM beschermt het recht op vrijheid van gedachte, geweten, en godsdienst. Anders dan het recht op godsdienst en geweten, bleef het recht op vrijheid van gedachte lange tijd onderbelicht – zowel in de literatuur als de rechtspraak van het EHRM. Sinds enkele jaren neemt de wetenschappelijke aandacht voor dit recht toe, mede naar aanleiding van opkomende technologieën die diep kunnen ingrijpen in mentale toestanden, zoals gedachten, gevoelens, en intenties. In deze bijdrage bespreken we verschillende interpretaties van het recht op vrijheid van gedachte en verkennen we de mogelijke implicaties daarvan. Dit doen we aan de hand van drie typen mentale beïnvloeding: (1) dwangmedicatie, (2) algoritmische beïnvloeding via sociale media, en (3) neuromodulatie in de strafrechtspleging. Daarbij kijken we niet alleen naar de reikwijdte van het recht op vrijheid van gedachte, maar reflecteren we ook kritisch op het absolute karakter ervan.
DOI: 10.54195/ntm.26381
Authors: Naomi Van de Pol, Sjors Ligthart
Institutions: Utrecht University, Tilburg University, University of Bergen
Language: English
Subfield: Law
Field: Social Sciences
Domain: Social Sciences
Open Access status: diamond
OpenAlex ID: W7143831054
FWCI:
Cites:
Cited by:
Related to:
